Een korte historische beschouwing

De operatie ‘Market Garden’, die in september 1944 startte, was bedoeld om vanaf Eindhoven naar Arnhem op te rukken. De 53ste Infanterie Divisie (de zogenaamde Welsh Divisie) had als taak de flank ten westen van Eindhoven te veroveren. Market Garden mislukte, en vanaf 16 oktober werd de 53ste Infanterie Divisie ingezet om ’s-Hertogenbosch te bevrijden. Zes gevechtsdagen volgden.

Op 22 oktober om 06.30 uur werd de aanval vanuit het gebied Heesch, Vinkel en Geffen ingezet. Volgens het plan van Generaal Ross moesten de kanaalbruggen in ’s-Hertogenbosch – na een opmars van 12 kilometer – die avond bereikt zijn. Nuland was al om 10.00 uur in handen. Bij Kruisstraat stuitten de troepen op een mijnenveld en modderige zandwegen, waardoor de opmars tot stilstand kwam. Dezelfde vertraging ontstond ten zuiden van de Graafseweg, waar de Duitsers in de bossen rond Maliskamp flink tegenstand boden. De volgende dag om 08.00 uur werd de opmars voortgezet. Met behulp van vlammenwerpers kon de infanterie vanuit Kruisstraat het gehucht Bruggen bezetten en werd Rosmalen die dag na zware gevechten bevrijd. Een dag later – 24 oktober – waren de bruggen in ’s-Hertogenbosch nog steeds in Duitse handen. Generaal Ross wijzigde zijn plannen. Het Duitse hoofdkwartier in het Hinthamerpark werd de hele nacht met duizenden granaten bestookt. Tegelijkertijd trokken de Britten ongezien langs de spoorlijn richting het centrum. Om 05.30 uur kon een compagnie de Diezebrug bereiken en zelfs een paar huizen bezetten. Maar de Duitsers reageerden snel. Hun tanks bedreigden de Britten, die slechts licht bewapend waren. De Britse antitank-kanonnen kwamen te laat. Om 10.30 uur ging de Diezebrug de lucht in. Vijftig Britten werden gevangen genomen en verschillende militairen sneuvelden.

Wat in de ochtend een mislukking was, werd in de middag wel een succes. Alle bruggen over het kanaal waren opgeblazen, maar bij Sluis 0 was nog één sluisdeur onbeschadigd... Via een smal looppad op de sluisdeur werden de huizen aan de overkant met vlammenwerpers in brand geschoten. De Duitsers vluchtten en maakten de weg vrij voor de Britten, die via Sluis 0 bij Bastion Anthonie aankwamen en van daaruit verder konden trekken. Een dag later staken drie compagnieën de Baileybrug over. Eén compagnie rukte langs de zuidelijke wallen op naar het Wilhelminaplein, de tweede ging door de binnenstad naar de Markt en de derde rukte op langs de stadszijde van de Zuid-Willemsvaart. De straatgevechten, waarbij ook tanks werden ingezet, duurden tot 19.00 uur. Daarna was het centrum bevrijd en wachtte de laatste hindernis: de Dommel. De volgende dag werd er dus nog volop gestreden. Om 15.00 uur staken twee compagnieën, met behulp van vlammenwerpers, de half opgeblazen Willemsbrug over. Eindelijk was de Dommel gepasseerd. Maar felle gevechten volgden. De opmars via de Koningsweg en de Stationsweg leidde in de wijk ’t Zand, de (toenmalige) wijk Lombok, het prachtige station en zijn omgeving tot veelal onherstelbare beschadigingen. De Duitsers zetten op vrijdag 27 oktober nog één tegenaanval in bij de Diezebrug, maar die mislukte. De Veemarkt was rond 19.00 uur bereikt; die avond was 's-Hertogenbosch officieel bevrijd. Voor het aan de Maas gelegen en inmiddels geëvacueerde Engelen en Empel zou de strijd uiteindelijk pas rond april / mei 1945 eindigen. Mede door het vele granaatvuur over en weer werden ook die dorpen nagenoeg onherstelbaar beschadigd. Bijna vijf jaar oorlog kostte in onze (huidige) gemeente aan 764 burgers het leven.

Lees meer verhalen op de erfgoed site

Voor altijd aan ’s-Hertogenbosch verbonden!

Met diep respect gedenkt ’s-Hertogenbosch de 146 militairen van de 53rd Welsh Infantry Division die in de periode van 20 tot en met 30 oktober 1944 voor de vrijheid van onze stad hun leven gaven. In de strijd van de 53e Welsh Divisie om de bevrijding van ’s-Hertogenbosch zijn van de verschillende regimenten 146 militairen gesneuveld. Nagenoeg allen hebben hun rustplaats gevonden in ons land. Respectievelijk in Uden (103), Heesch (20), Bergen op Zoom (11), Groesbeek (4), Maarheeze (2), Valkenswaard (2) en Nijmegen (1). Drie militairen zijn begraven in Wales. De stad ’s-Hertogenbosch heeft al hun namen een vaste plaats gegeven in het stadhuis en bij de Royal Welsh brug. Ook in de komende herdenkingsweek zullen de 146 gesneuvelden klinken in ’s-Hertogenbosch. Dat gebeurt in de Sint-Janskathedraal, tijdens de officiële oecumenische viering. 

’s-Hertogenbosch en Wales: een jarenlange innige band

Sinds 1944 onderhoudt ’s-Hertogenbosch een band met het land van zijn bevrijders, Wales. In 1945 keerde een flinke delegatie militairen onder leiding van Major-General Ross terug naar ’s-Hertogenbosch. Hierbij ontving het stadsbestuur het Welsh Shield, dat nog altijd een prominente plaats in het Stadhuis heeft. De vooral militaire band leidde in 1952 in ’s-Hertogenbosch tot de plaatsing van het enige militaire Welsh Division Memorial op het westelijk continent dat de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog herdenkt. In oktober 1969, bij de 25-jarige herdenking, was er een kleine reünie van veteranen van de Welsh Divisie die ’s-Hertogenbosch in 1944 bevrijdden. Het succes van deze eerste reünie smaakte naar meer, maar het zou nog tot begin jaren tachtig duren om – in het licht van de viering van het 800 jarig bestaan van de stad in 1985 – een comité op te richten dat zorg ging dragen voor een grote herdenking van de bevrijding.

Voorafgaande en rond de viering van het 800 jarig bestaan van de stad ’s-Hertogenbosch (1985) werden onder leiding van de nieuw opgerichte Stichting October 1944 ’s-Hertogenbosch de vriendschapsbanden tussen 's-Hertogenbosch en Wales bevorderd, in het bijzonder de relaties tussen inwoners van ‘s-Hertogenbosch en de Britse bevrijders en hun familieleden. Daarnaast ging de Stichting samen met de gemeente ’s-Hertogenbosch de jaarlijkse herdenking van de bevrijding organiseren. Er werd gewerkt aan een film over de bevrijding van ’s-Hertogenbosch, die in oktober 1984 in première ging. Na deze film konden de pijlen gericht worden op een heuse reünie: zo’n 500 bevrijders keerden in het jubeljaar 1985 terug. Honderden Bossche en Rosmalense gastgezinnen zorgden voor drie tot zeven dagen onderdak, wat leidden tot jarenlange vriendschappen.

Na het succes van de film en de reünie, volgde een verrassingsbezoek van Prins Charles aan ’s-Hertogenbosch. In 1988 werd herdacht dat Prins Willem van Oranje en zijn vrouw Mary Stuart de koning van Engeland driehonderd jaar geleden van zijn troon stootte. Een Brits-Nederlands 'William and Mary Comité' – met als beschermheer Prins Charles en beschermvrouw Prinses Margriet – was verantwoordelijk voor tal van activiteiten en uitwisselingen. In ’s-Hertogenbosch kwam een speciale Welsh Week en Prins Charles besloot tijdens zijn officiële bezoek aan Nederland ook kort naar ’s-Hertogenbosch te komen. Als Colonel in Chief van het Royal Regiment of Wales legde hij een krans bij het Welsh Division Memorial en bezocht hij de oecumenische dienst in de Sint-Janskathedraal. De reacties op de film en de verschillende reünies maakten nog meer herinneringen los. Herinneringen die vastgelegd moesten worden. De Stichting besloot een boek te vervaardigen, dat eind 1989 onder de titel 'October 1944. Den Bosch bevochten en bevrijd' het levenslicht zag.

In de jaren die volgden werden de herdenkingen naar een steeds hoger niveau getild. 1994, 1999 en 2004 werden lustrumjaren met toenemende activiteiten. En het bestuur bleef de bevrijders van ’s-Hertogenbosch uitnodigen. Ook het stadsbestuur verstevigde de relatie met Wales. Met name met het Zuid-Walese plaatsje Pontypridd, waar jaarlijks een herdenkingsbijeenkomst – mede gericht op ’s-Hertogenbosch – wordt georganiseerd. In 1999 onthulde de stad op Bastion Anthonie een klein monument van twee Royal Welch Fuseliers die in 1944 over Sluis 0 renden om de binnenstad te bevrijden. In 1999 werd het 55 jarige bevrijdingsfeest groots gevierd. De viering in 2004 van de 60-jarige bevrijding bevatte alle elementen van herdenken en vieren en werd een daverend succes. Een fotoboekje en een DVD vormden een blijvende indruk van dat driedaagse herdenkingsfeest. Bij die herdenking mocht de stad de First Minister of Wales verwelkomen, maar ook in de latere jaren was de Britse ambassadeur veelvuldig te gast.

Langzaamaan werd ook de jeugd actiever betrokken. Lesmappen en een videofilm – gratis gestuurd naar alle basisscholen – maar ook kransleggingen, gastlessen en uitwisselingen ondersteunden de doelstelling om latere generaties vertrouwd te maken met die dramatische periode. Verzoeningsthema’s konden niet uitblijven en leidden onder meer tot een internationale vredespaal op het Anne Frankplein, gericht op hoop en vrede. Begin 21e eeuw volgden kleinere symposia met vooral jongeren. Zij begonnen – samen met de uitwisselingen en gastlessen – het fundament te vormen van een nieuwe manier van herdenken, in de wetenschap dat het aantal bevrijders nu drastisch begon terug te lopen. In 2005 waren het de woorden van de Britse Ambassadeur dat er in heel Nederland geen stad te vinden is die zoveel aandacht besteedt aan de Britse veteranen van de Tweede Wereldoorlog. Of dat waar is, laten we in het midden, maar feit is dat de Stichting October 1944 ’s-Hertogenbosch een allesbepalende invulling heeft gegeven aan de herdenking van een periode, die eind 20e eeuw door de Bosschenaren als de meest belangrijke episode van de vorige eeuw is aangemerkt.

In de nieuwe eeuw voegde ’s-Hertogenbosch enkele belangrijke erkenningsmonumenten aan de stad toe. In 2009 werd de Roll of Honour – de Erelijst met 146 namen van gesneuvelde militairen - in de ramen van het stadhuis gegraveerd. Een symbolische vereeuwiging, vanuit de redenering dat vanuit het belangrijkste Huis van de Stad de naoorlogse ontwikkeling van ’s-Hertogenbosch alleen te bekijken valt door eerst door de namen van deze gesneuvelde Britse vrijheidsstrijders te kijken. In 2014 werd om reden van het steeds kleiner worden van het aantal bevrijders de stichting October 1944 ’s-Hertogenbosch opgeheven. De gemeente ’s-Hertogenbosch continueerde de relatie met instanties in Wales, maar onderkent – net als in Wales – dat de relatie kwetsbaar is geworden. Om die reden koos het Bossche stadsbestuur om in datzelfde jaar de nieuw gerealiseerde verkeersbrug over de rivier De Dieze eervol en blijvend te vernoemen naar de opvolger van de 53rd Welsh Divisie, The Royal Welsh. Onder deze brug dragen de in cortonstaal uitgevoerde 146 namen van gesneuvelde Britse militairen symbolisch deze bijzonder vormgegeven verkeersbrug. Plaquettes onder en op de brug vertellen de dappere daden van de divisie uit Wales.

Dank!
De band tussen ‘s-Hertogenbosch en Wales kan niet zonder sleutelfiguren. In het verleden hebben verschillende inwoners van onze gemeente excellerende prestaties geleverd om onze bevrijders te eren, en de relatie tussen ’s-Hertogenbosch en Wales te koesteren. Zonder de inzet van gastgezinnen, voormalige bestuursleden van de Stichting October 1944 ’s-Hertogenbosch, stadsbesturen, gemeenteraden en ambtelijke organisatie tekort te doen, mogen enkele namen genoemd worden: de ons ontvallen Luc en Agnes van Gent en Kolonel Peter Gooderson (Royal Welsh, Wales) verdienen alle lof voor hun decennialange inzet rond onze relatie. Dat geldt eveneens voor Pierre Kisters en Gareth Pennell (Pontypridd ’s-Hertogenbosch branch / The Royal British Legion, Wales) die tot de dag van vandaag deze bijzondere relatie onderhouden. Een oprecht dank-je-wel namens ’s-Hertogenbosch!  

J.A. de Wit
Gemeente ‘s-Hertogenbosch